IBFP - BIOF
Belgisch Instituut voor Openbare Financien
Geschiedenis
De bestuurders
De leden
Statuten
Vergaderingen van de RB
Inleiding
De vzw « Belgisch Instituut voor Openbare Financiën» die zijn zetel heeft in te 1030 Brussel – North Galaxy, Toren B – 25ste verdieping, Koning Albert II-laan, 33 bus 73, werd opgericht op 6 mei 1988 onder de personen hierna vermeld met hun toenmalige titel en functie, die de statuten ervan vastgesteld hebben overeenkomstig de Wet van 21 juni 1921 :
(…)
Deze statuten werden bekendgemaakt in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad van 16 juni 1988 onder het identificatienummer 9111/88 (…)
Naast diverse wijzigingen aan de statuten, werden deze aangepast aan de wet van 18 april 2002, die de wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk wijzigt, en gecoördineerd bij besluit van de buitengewone algemene vergadering van het Instituut op 17 juni 2003 die ze aangenomen heeft met een meerderheid van vier vijfde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.
Gecoördineerde statuten
TITEL 1 – Naam, zetel, duur
Artikel 1. De vereniging draagt als naam, in het Nederlands “Belgisch Instituut voor Openbare Financiën” vzw en, in het Frans, “Institut Belge de Finances Publiques” a.s.b.l.
Ze kan om het even aangeduid worden door haar volledige naam of door de afkortingen “B.I.O.F.” vzw, in het Nederlands en “I.B.F.P.” a.s.b.l., in het Frans.
Artikel 2. De vereniging heeft haar zetel in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Elke wijziging van de maatschappelijke zetel zal gebeuren bij besluit van de algemene vergadering die beraadslaagt zoals ingeval van een wijziging van de statuten en zal zonder verwijl bekendgemaakt worden in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad.
TITEL 2 – Voorwerp, Doel
Artikel 4. De vereniging heeft tot voorwerp de studie en het onderzoek van de Belgische of buitenlandse openbare financiën, in al hun aspecten, en, met name, in hun wisselwerking met andere wetenschappelijke terreinen.
Ze mag hiervoor alle activiteiten ondernemen die dit doel kunnen bevorderen, zoals onder meer het inrichten van studiedagen, van congressen en voordrachten, van seminaries, het inrichten van “prijzen” en de publicatie van werken en tijdschriften.In die zin mag zij ook, op bijkomstige wijze, zekere commerciële activiteiten uitoefenen op voorwaarde dat de opbrengst daarvan uitsluitend besteed wordt aan het hoofddoel.
Zij kan bovendien alle handelingen uitvoeren die, rechtstreeks of onrechtstreeks, betrekking hebben op haar doel en, met name, medewerken aan en belangstelling tonen voor iedere activiteit die verwant is met haar doel.
Artikel 5.De vereniging heeft tot doel, met uitsluiting van elk winstoogmerk, de bevordering zowel op nationaal als op internationaal niveau van de Belgische of buitenlandse openbare financiën in al hun aspecten en, met name, in hun wisselwerking met andere wetenschappelijke terreinen.
TITEL 3 – Leden
Artikel 6. De vereniging is samengesteld uit werkende leden en ereleden.Het aantal werkende leden van de vereniging evenals van de ereleden is onbeperkt.Het minimum aantal werkende leden is bepaald op drie.
Wat de ereleden betreft is er geen minimum aantal.De stichters zijn de eerste werkende leden.
Artikel 7. Iedere persoon die wenst werkend lid te worden moet een schriftelijke aanvraag indienen bij het secretariaat van het instituut.
De kandidatuur wordt voorgelegd aan de raad van bestuur die ze onderzoekt.
Kunnen slechts als werkende leden aangenomen worden die personen die bevoegd zijn inzake openbare financiën om reden van hun ambt, van hun werkzaamheden of van het onderwijs dat zij verstrekken.
De beslissing van de raad van bestuur is niet vatbaar voor beroep en dient niet met redenen omkleed te worden. Ze wordt per brief ter kennis gebracht van de kandidaat.
De niet aangenomen kandidaat mag zich slechts na één jaar, te rekenen vanaf de datum van de beslissing van de raad van bestuur, opnieuw voorstellen.
Artikel 8. Kunnen slechts als erelid aangenomen worden de personen die door hun werkzaamheden, hun onderzoek, nun publicaties, de functies die ze bekleed hebben of op gelijk welke andere wijze, zich bijzonder onderscheiden hebben op het terrein van de openbare financiën.
Kunnen eveneens als erelid aangenomen worden de stichters van het Instituut, de gewezen bestuurders en de gewezen werkende leden die, op enigerlei wijze, bijgedragen hebben aan de ontwikkeling van het Instituut of aan zijn bekendheid en, in het algemeen, hebben deelgenomen aan zijn werking.
De voorstellen tot benoeming van de ereleden worden ingediend biij het secretariaat van het Instituut door ten minste drie bestuurders, met uitsluiting van de betrokken persoon.
Die voorstellen worden voorgelegd aan de raad van bestuur die ze onderzoekt.
De beslissing van de raad van bestuur is niet vatbaar voor beroep en dient niet met redenen omkleed te worden.
De niet aangenomen voorstellen kunnen slechts opnieuw ingediend worden na één jaar te rekenen vanaf de datum van de beslissing van de raad van bestuur.
Artikel 9. De benoemingen tot erelid zijn louter honorair.
Artikel 10. De benoemingen tot werkend of erelid zijn slechts definitief na hun bekrachtiging door de eerstvolgende gewone algemene vergadering.
Artikel 12. De werkende of ereleden zijn vrij op elk ogenblik uit de vereniging te treden door het schriftelijk indienen van hun ontslag bij het secretariaat van het Instituut.
Artikel 13. Wordt geacht ontslag te nemen het werkend lid dat gedurende twee opeenvolgende jaren zijn bijdrage niet betaalt en zich niet in orde stelt binnen de maand na het herinneringsschrijven dat hem aangetekend toegezonden wordt.
TITEL 4 – Bijdragen
Artikel 16. De werkende leden betalen een jaarlijkse bijdrage.
Het bedrag van deze bijdrage wordt jaarlijks vastgesteld door de algemene vergadering.
TITEL 5 – Algemene vergadering
Artikel 17. De algemene vergadering bestaat uit alle werkende leden.
Artikel 19. Elk jaar wordt ten minste één algemene vergadering gehouden, vóór 30 mei van het betrokken jaar.
Deze vergadering, gewone algemene vergadering genoemd, beslist over het goedkeuren van de begroting en van de rekening evenals over de kwijting aan de bestuurders en de commissaris(sen).
Zij bepaalt tevens het bedrag van de bijdrage voor het volgende jaar.
Zij benoemt de bestuurders op de openstaande plaatsen in de raad van bestuur.
Artikel 20. De vereniging kan in een buitengewone algemene vergadering bijeengeroepen worden door een beslissing van de raad van bestuur, telkens wanneer de omstandigheden dit vereisen.
Tevens moet ze bijeengeroepen worden wanneer ten minste één vijfde van de werkende leden het vraagt bij schrijven gericht aan het secretariaat.
Iedere vergadering wordt gehouden op de dag, uur en plaats vermeld in de oproepingsbrief.Alle werkende leden moeten opgeroepen worden.
Artikel 23. Elk werkend lid heeft het recht de vergadering bij te wonen. Elk werkend lid beschikt over één enkele stem.
Elk werkend lid mag zich evenwel laten vertegenwoordigen door een ander werkend lid.Elke gemachtigde mag evenwel over niet meer dan één volmacht beschikken.
TITEL 6 – Bestuur
Artikel 29. De vereniging wordt bestuurd door een raad van bestuur.
De raad van bestuur bestaat uit ten minste drie en ten hoogste eenentwintig personen, benoemd door de algemene vergadering onder de werkende leden.
Elk werkend lid kan zich kandidaat stellen of laten stellen tot uiterlijk de derde dag vóór de algemene vergadering.
De mandaten van bestuurder zijn te allen tijde herroepbaar bij besluit van de algemene vergadering.
Het aantal bestuurders moet steeds lager zijn dan het aantal werkende leden van de vereniging.
Artikel 31. Geen enkel mandaat mag de duur van zes jaar overschrijden.
Elk mandaat eindigt automatisch op de dag van de 75e verjaardag van de houder ervan.
Uittredende bestuurders zijn slechts twee maal herkiesbaar.
Voor zover de raad ten minste twaalf bestuurders telt, zal de raad van bestuur ten belope van één derde hernieuwd worden om de twee jaar.
Om het aantal te begeven mandaten te berekenen, zal er slechts rekening gehouden worden met het grootste veelvoud van drie kleiner of gelijk aan het aantal bestuurders in functie.
Artikel 32. Voor het overige zullen de bepalingen van het huishoudelijk reglement (HR) de procedures en de praktische regelingen bepalen met betrekking tot de verkiezing of de vernieuwing van de raad van bestuur, zonder dat deze mogen afwijken van de wet of van de huidige statuten.
Artikel 35. De raad vergadert op bijeenroeping van de voorzitter en/of de secretaris-generaal.
De oproepingsbrief behelst de agenda, vastgesteld eventueel na raadpleging van de andere bestuurders.
Hij vormt een college en kan slechts besluiten indien de meerderheid van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
Zijn besluiten worden genomen met de volstrekte meerderheid van de stemmen : bij staking van stemmen beslist de stem van de voorzitter of van zijn vervanger.
Een bestuurder kan zich door een andere bestuurder laten vervangen, maar niemand mag meer dan één volmacht hebben.
TITEL 7 – Rekeningen, begroting
Artikel 43. Het boekjaar begint op 1 januari en eindigt op 31 december.
Artikel 44. De jaarrekening van het voorbije boekjaar evenals de begroting van het volgende boekjaar worden opgemaakt door de schatbewaarder en vastgesteld door de raad van bestuur.
Ze worden jaarlijks ter goedkeuring voorgelegd aan de gewone algemene vergadering.
Ze worden gehouden en, in voorkomend geval, bekendgemaakt overeenkomstig artikel 17 van de wet.
TITEL 9 – Diverse bepalingen
Artikel 47. Een huishoudelijk reglement kan door de raad van bestuur voorgelegd worden aan de algemene vergadering.
Aan dit reglement kunnen wijzigingen gebracht worden door de algemene vergadering die beslist bij gewone meerderheid van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.
Artikel 48. Alles wat niet expliciet door de huidige statuten geregeld is, wordt geregeld overeenkomstig de wet van zevenentwintig juni negentienhonderd eenentwintig, betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk.
Gedaan te Brussel op 17 juni 2003 in vier exemplaren.
Remarks or questions : webmaster@biof.be